De Ideologie is Dood, Leve de Nieuwe Politiek, Leve Nieuw Elan!


DoorAndré de Jeu - Geplaatst op09 december 2006

Het is tijd voor vernieuwing, het is tijd voor Nieuwe Politiek, het is tijd voor Nieuw Elan! De vertegenwoordigers van de oude ideologische politiek begrijpen maar niet dat hun langste tijd geweest is. En daardoor begrijpen ze ook niet hoe het komt dat de kiezers in Nederland doorlopend van links naar rechts lijken te “rukken”, of anders gezegd niet meer traditioneel honkvast zijn. Het zijn voor de gevestigde orde onzekere tijden. Maar niet getreurd, de geschiedenis heeft ons al geleerd wat de toekomst ons zal brengen. Vernieuwing komt er aan.

Het is de onmacht tot politieke zelfvernieuwing die de oude politiek parten speelt. Is dat erg? Voor henzelf wel, maar voor de kiezers niet. De kiezers lopen immers voorop in de politieke vernieuwing. Zij laten zich niet meer leiden door traditionele ideologische voorkeuren. De vraag naar doelstellingen en resultaten van beleid en de kwaliteit en uitstraling van politiek leiderschap staat nu voorop. De kiezer voelt zich niet meer vertegenwoordigd door de oude politiek met haar traditionele politieke eensgezindheid, de hoge beginselen en goede bedoelingen, waarvan meestal maar bitter weinig terecht komt. De kiezer van nu wil haar politieke vertegenwoordiging kunnen aanspreken wanneer dat nodig is en kunnen afrekenen op haar verantwoordelijkheid met de gevolgen, de resultaten van politiek handelen als voornaamste criterium. De Ideologie is Dood, Leve de Nieuwe Politiek. Leve het ontstaan van Nieuw Elan!

In de tijd vóór de liberale revoluties van de 18e eeuw ging het in de politiek vooral om verandering van machtsverhoudingen, het behalen van handelsvoordelen, of om geloofstwisten. Over de inrichting van de samenleving bestond een breed gedragen consensus die verankerd was in een goddelijke en natuurlijke orde en dus als onaantastbaar werd beschouwd. Sinds de Franse revolutie veranderde dat. Inzet van politieke strijd was primair de vraag naar de inrichting van de samenleving, hoe deze het best kan worden ingericht. Dat leidde tot ideologisering van de politieke verhoudingen en strijd, eerst op nationaal en in de 20e eeuw ook op internationaal niveau met de Koude Oorlog, het ideologische conflict tussen de communistische en kapitalistische wereld, als hoogtepunt. Politieke strijd spitst zich sindsdien steeds meer toe op de ideologische grondslagen van de samenleving.

Er ontstond een nieuwe politieke indeling: de links-rechts tegenstelling waarmee we sindsdien zo vertrouwd geraakt zijn. Links en rechts wisselen inde geschiedenis van positie met de verandering van de machtsverhoudingen. De PvdA en VVD zijn daarvan de traditionele vertolkers. Met op de eerste plaats de handhaving van godsdienstige principes en belangen streeft het CDA naar een bemiddelende rol tussen beide stromingen en hun verschillende principes en belangen. Dat resulteert in de ontwikkeling van de sociale verzorgingsstaat als politiek compromis tussen liberale en socialistische principes en in de Nederlandse grondwet van 1983 in de integratie van klassiek-liberale en sociale grondrechten.

De christelijke democratie verliest op haar beurt haar specifiek politieke rol als bemiddelaar . Met de totstandkoming van het CDA is plaats gemaakt voor de voorheen als vrijzinnig principieel verworpen formule van christendom boven geloofsverdeeldheid die inmiddels door toelating van moslims, hindoes en zelfs agnosten verder verwaterd is; en hand in hand hiermee voor een politieke overtuiging bestaande uit vier kernbegrippen (gerechtigheid, gespreide verantwoordelijkheid, solidariteit en rentmeesterschap) die nauwelijks nog christendemocratisch te noemen zijn zoals christendemocraten zelf ook erkennen. “Als de buitenwacht het CDA voor opportunistisch of onberekenbaar houdt, ziet men dat niet verkeerd, aldus een prominente christendemocraat als de staatsrechtgeleerde A.M. Donner”, de vader van de huidige minister Donner.

De ideologische tegenstellingen zijn verdwenen en de traditionele partijen hebben daarmee hun bestaansrecht in feite verloren: zij zijn allen gelijk, met hier en daar een vleugje accentverschil. De “Paarse” kabinetten van PvdA, VVD en D66 en de onmachtige CDA in de oppositie in de jaren 90 waren daarvan de uitlopers. Burgers denken niet meer in politieke tegenstellingen en strijd, dat is niet meer van deze tijd. Zij hebben het al lang niet meer over ideologische tegenstellingen, maar over doelstellingen en resultaten van beleid, waarop partijen worden afgerekend. De traditionele politiek verbaasd er zich over dat de helft van de wethouders in Nederland de eindstreep van 2010 niet heeft gehaald. Maar waarom. Als u op uw werk, of op school langdurig niet functioneert kunt u toch ook niet gewoon blijven zitten waar u zit.

Sinds begin van dit decennium wordt er door de Nederlandse kiezer politiek gezien wat “afgerukt”. We rukken van links naar rechts en indien nodig naar het midden van het politieke pallet, wat daar dan ook nog van over moge zijn. Van Fortuyn naar de SP en de bijna extreem groot te noemen overwinning van de PvdA vier jaar geleden tijdens de gemeenteraadsverkiezingen, via Verdonk naar Wilders, en parallel daaraan ook D66.

Leest u eens aandachtig de volgende 6 punten:

  1. revitalisering van de publieke sector die teveel overheerst geraakt was door het marktdenken;
  2. terugdringing van de migratiedruk terwille van een betere integratie van migranten;
  3. hernieuwde nationale bewustwording als reactie op interne desintegratie en de groeiende invloed van Europese mondiale integratie;
  4. bestrijding politiek conformisme (politiek correct denken) als uitvloeisel van de Nederlandse consensustraditie;
  5. vernieuwing van het oude politieke bestel en versterking van de volksinvloed daarin;
  6. en het terugdringen van politieke benoemingen in het openbaar bestuur.

Deze punten zijn toch met de beste wil van de wereld niet links of rechts te noemen, en toch werden ze als een “ruk-naar-rechts” betiteld. Fortuyn, want daar hebben we het over, wist met zijn afwijkende manier van presenteren en toch ook traditionele uitstraling, bovendien tot tolk van de kleine man te worden die zich machteloos voelt tegenover de mensen die ertoe doen. Geen gekozen Minister President, geen gekozen burgemeester, geen referenda. Een keer per vier jaar stemmen, en zodra ze gaan onderhandelen is er van de mooie beloftes maar heel weinig over. Over vier jaar nog een keer? Juist die vernieuwing sprak de kiezer massaal aan. Inhoud en visie, gebracht met een nieuw elan waar de met hun identiteit worstelende traditionele politiek zich absoluut geen raad wist en tot op de dag van vandaag nog steeds niet weet.

En nu naar Alphen aan den Rijn anno 2009. We hebben twee collegeperiodes achter de rug met een coalitie van CDA, CU, PvdA en VVD. Uit onmacht tot politieke zelfvernieuwing te komen zijn de voorheen ideologisch tegenstanders maar bij elkaar gekropen. Hoe traditioneel wilt u het hebben? Het gemiddelde van het gemiddelde, consensus en eensgezindheids politiek van heb ik jou daar. Aan de zijlijn de traditionele oppositie die onmachtig is iets nieuws af te dwingen. En wat is van dat alles terecht gekomen? Alphen aan den Rijn is nu officieel de meest gemiddelde gemeente van Nederland. Geweldig, we hebben dan misschien van het slechte alles gemiddeld slecht, maar dat geldt dan ook voor het goede. Dat kan toch niet waar zijn, Alphen aan den Rijn wil toch wel meer dan dat, we zijn toch wel ambitieuzer dan dat? Van de bestaande politieke partijen komt u op de meeste kieslijsten opnieuw dezelfde namen tegen. Moeten we daarvan nu wel de vernieuwing met inhoud en kennis van zaken verwachten?

En dan is er opeens Nieuw Elan. De oude politiek reageert zoals verwacht direct met termen als “oude koeien”. Maar die – twee - oude koeien hebben die oude politiek al jaren geleden de rug toegekeerd, zij hadden van binnenuit de onmacht tot zelfvernieuwing van de gevestigde orde van dichtbij meegemaakt en, niet onbelangrijk, de rug toegekeerd. Dat zij wel voor vernieuwing durven gaan blijkt wel uit de samenstelling van de kieslijst, allemaal nieuwe namen, mensen met kennis van zaken en passie voor politiek.

Ik kan niet wachten tot het 3 maart 2010 is en de burger het voor het zeggen krijgt en we elkaar voortaan wel gaan aanspreken op inhoud en resultaat. Gelukkig is er weer wat te kiezen.

De Ideologie is Dood, Leve de Nieuwe Politiek, Leve Nieuw Elan!

Delen van de deze tekst zijn ontleend aan teksten van oud hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam de heer Prof. dr. S.W. Couwenberg.

Site by RGdidit